mus_prEén van mijn hobby’s is om heel vroeg in de ochtend door de slapende straten van Haren te fietsen. Ik doe dat niet omdat ik zo graag vroeg opsta, maar ik doe dat voor MUS. Dat staat niet allen voor onze gewone huismus, maar voor alle vogels die in het stedelijk gebied broeden en dat zijn er nogal wat! MUS staat voor meetnet urbane soorten, het is een telproject voor vogels in het stedelijk gebied.

Nederland is een beetje een raar land. Door de landbouwmechanisatie komen er in het boerenland steeds minder vogels en diersoorten voor, terwijl het stedelijk gebied juist steeds rijker aan soorten wordt. Dat heeft enerzijds te maken met het alsmaar groeien van dorpen en steden, maar ook met het feit dat er steeds gevarieerder groen komt, het milieu schoner wordt en dat het in het stedelijk gebied heel gevarieerd is.

Zo komt het dat ik sinds een aantal jaren in april, mei en juni in de vroege ochtend door Haren fiets langs mijn twaalf telpunten. Eigenlijk zie ik dan niet eens zo veel, het meeste hoor ik. Het is zo ’s morgens vroeg echt een feest! Op sommige punten haal ik wel twintig soorten vogels in enkele minuten. Heel algemeen zijn merel, tjiftjaf, vink, houtduif, kauw, koolmees, pimpelmees en roodborst. Dankzij de grote eiken hoor ik regelmatig een specht, een bonte vliegenvanger of een gekraagde roodstaart. En natuurlijk ontbreekt de zwartkop ook op veel plekken niet. De topper van afgelopen week was een goudvink, veel mensen hebben hem wel eens in de tuin, maar het is toch een beetje een geheimzinnige broeder.

Haren is trouwens bijzonder mooi in het vroege zonlicht. Ik houd wel van die stille, verlaten straten zonder het geraas van die eeuwige auto’s. Het maakt werkelijk en enorm verschil als er ook maar één auto passeert. Je merkt dan direct dat je bijna geen vogel meer goed kan horen. Voor wie vogels inventariseert is kennis van de zang heel belangrijk. Eigenlijk is zang ook direct het beste kenmerk dat een vogel in de buurt broedt. Vogels zingen vooral in het eigen territorium om te zeggen: hier broed ik, wegwezen!

Maar hoe zit het nu met de mus, de echte? Helaas is het de afgelopen decennia wat minder gegaan met ons meest vrolijke tuinvriendje. Belangrijke oorzaken: minder voedsel en minder rommel. De mus scharrelt overal zaden bij elkaar en houdt van een lekker rommelig erf. In de Harense tuinen zijn er genoeg mogelijkheden voor mussen, als u maar niet te netjes bent. Dus: doe de mus een lol, maar er en rommeltje van!